Plaatselijke Regels

Plaatselijke Regels (Local Rules)

Volgens regel 33-8a mag de regelcommissie plaatselijke regels maken en publiceren  wegens plaatselijke abnormale omstandigheden zolang zij  overeenkomen met de voorwaarden vermeldt in de Appendix 1 van de Golfregels.
De vaste plaatselijke regels worden vermeld op de score kaart, de tijdelijke plaatselijke regels worden kenbaar gemaakt het publicatie bord in de hal naast de trap en buiten in de aankondigingsborden.
Straf voor overtreding plaatselijke regel:
Matchplay- verlies van hole
Strokeplay- twee slagen

Plaatselijke regels:

Laterale waterhindernis langs Markermeer 2 en 4.
De laterale waterhindernis langs Markermeer 2 en 4 zijn oneindige waterhindernissen, dit betekend dat de overkant van  de waterhindernis ook deel van de waterhindernis is, met andere woorden het referentiepunt voor de te droppen bal is de plek waar de bal het eerst de waterhindernis heeft gekruist.

Afstandsmeters: Een speler mag afstand bepalen met een apparaat dat uitsluitend afstanden kan meten. Indien een speler tijdens een vastgestelde ronde een apparaat gebruikt om ook andere gegevens te bepalen die zijn spel zouden kunnen beinvloeden (bijv. helling, windsnelheid temperatuur, etc), overtreedt hij Regel 14-3.
(Regel 14-3: Straf voor overtreding regel 14-3 is DISKWALIFICATIE)

Buiten de baan: (Out of  Bounds) wordt aangegeven met witte paaltjes.

GUR
Sporen golfbuggy in GUR
IMG_0918
Betreden mag niet, hengelen wel mits het geen vertraging geeft

 

 

 

 

 

 

Grond in bewerking: (GUR) wordt aangegeven door blauwe paaltjes, blauw lint of witte lijnen. Indien er sprake is van belemmering door grond in bewerking (Regel 25-1a) dan MOET deze belemmering worden ontweken volgens Regel 25-1b en c

Regel 25-1a: Er is sprake van belemmering door een abnormale terreinomstandigheid wanneer een bal in een dergelijke omstandigheid ligt of deze raakt of wanneer een dergelijke omstandigheid een belemmering vormt voor de stand van de speler of de ruimte voor de voorgenomen swing. Indien de bal van de speler op de green ligt, is er ook sprake van belemmering wanneer een abnormale terrein omstandigheid op de green zich op de puttinglijn van de speler bevindt. Overigens is een abnormale terreinomstandigheid op de speellijn op zichzelf geen belemmering volgens deze regel. )

(Regel 25-1b: Behalve wanneer de bal in een waterhindernis of een laterale waterhindernis is, mag een speler de belemmering door de abnormale terreinomstandigheid als volgt ontwijken:
(i) Door de baan: Indien de bal in de baan ligt, moet de speler de bal opnemen en zonder straf droppen binnen een stoklengte van en niet dichter bij de hole dan het dichtsbijzijnde punt zonder belemmering. Het dichtsbijzijnde punt zonder belemmering mag niet in een hindernis, of op de green zijn. Bij het droppen binnen een stoklengte van het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering moet de bal eerst een deel van de baan raken op een plek waar geen sprake is van belemmering door de abnormale terreinomstandigheid en dat niet in een hindernis of op de green is.
(ii) In een bunker: Indien de bal in een bunker ligt, moet de speler de bal opnemen en droppen:
(a) zonderstraf, volgens punt (i)  hierboven, behalve dat het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering in de bunker moet zijn en de bal in de bunker moet worden gedropt of, indien de belemmering niet volledig kan worden ontweken op een plaats zo dicht mogelijk bij de plek waar de bal lag, maar niet dichter bij de hole, op een deel van de baan in de bunker waar de belemmering door de abnormale terreinomstandigheid zoveel mogelijk wordt ontweken; of (b) MET EEN STRAFSLAG buiten de bunker, waarbij hij het punt waar de bal lag op een rechte lijn moet houden tussen de hole en de plek waar de bal wordt gedropt, zonder beperking van de afstand waarop de bal achter de bunker mag worden gedropt.
(iii) Op de green: Indien de bal op de green ligt moet de speler de bal opnemen en zonderstraf plaatsen op het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering dat niet in een hindernis is. Het dichtsbijzijnde punt kan buiten de green zijn.
(iiv) Op de afslagplaats: Indien de bal op de afslagplaats ligt, moet de speler de bal opnemen en zonder straf droppen volgens punt (i) hierboven.

De bal mag worden schoongemaakt wanneer hij is opgenomen volgens deze regel.

UITZONDERING
Een speler mag een belemmering niet volgens deze regel ontwijken indien:
(a) het voor hem duidelijk geen zin heeft een slag te doen vanwege een andere belemmering (waarvoor wel hij wel een strafslag krijgt bv een boom) dan door een abnormale terreinomstandigheid; of
(b) belemmering door een abnormale terreinomstandigheid zich alleen zou voordoen bij een onnodig abnormale stand, swing of speelrichting.

Noot 1: Indien een bal in een waterhindernis ligt (met inbegrip van een laterale waterhindernis). mag de speler belemmering door abnormale terreinomstandigheid niet zonder straf ontwijken. De speler moet de bal spelen zoals hij ligt (behalve als dat door een plaatselijke regel is verboden) of handelen volgens regel 26-1.

Noot 2: Indien een volgens deze regel te droppen of te plaatsen bal niet onmiddellijk is terug te krijgen (ingezaaid gras), mag hij door een andere bal vervangen worden.

Regel 25-1c Bal in abnormale terreinomstandigheid niet gevonden; Het is een kwestie van feitelijke aard of een bal die na een slag in de richting van een abnormale terreinomstandigheid niet is gevonden, daar al dan niet in ligt. Deze regel mag alleen worden toegepast als het bekend is of praktisch zeker dat de bal in de abnormale terreinomstandigheid ligt. Zonder die kennis of zekerheid moet de speler handelen volgens Regel 27-1 ( Bal verloren). Als bekend is of praktisch zeker dat een bal die niet is gevonden in een abnormale terreinomstandigheid ligt, mag de speler de abnormale terreinomstandigheid volgens deze Regel ontwijken. Indien hij daartoe besluit moet de plek worden bepaald waar de bal het LAATST de buitenste begrenzing van de abnormale terreinomstandigheid kruiste. Om deze regel toe te kunnen passen , wordt de bal geacht op deze plek te liggen en moet de speler  handelen volgens Regel 25-1b

Aangepaalde bomen, inclusief de paaltjes zijn vaste obstakels. Ontwijken middels Regel 24-2.

De beschrijving van regel 24-2 komt volledig overeen met de beschrijving van Regel 25- 1. (Zie hierboven).

TIJDELIJKE LOCAL RULES
6-november 2015
Boomstronken De boomstronken (stobben) die nog verwijderd moeten worden en de opgevulde stobbengaten zijn te beschouwen als GUR. Indien een boomstronk een belemmering vormt voor de stand van de speler of de ruimte voor zijn swing, MOET de speler de belemmering ontwijken volgens regel 25-1.
Door de baan’ is het hele gebied van de baan, behalve:
de afslagplaats en de green van de hole die wordt gespeeld, en
alle hindernissen op de baan.

25-maart 2016
Mollenklemmen

De mollenklemmen door de baan en op de green zijn  tijdelijke vaste obstakels (TVO).
De belemmering door een TVO  MAG worden ontweken volgens  Regel 24-2.
Bovendien, als een bal binnen twee stoklengten van de green ligt en de speellijn naar de hole wordt belemmerd door een mollenklem dan mag de speler de belemmering als volgt ontwijken:
De bal moet worden opgenomen en gedropt op een punt zo dicht mogelijk bij de plek waar de bal lag, dat (a) niet dichter bij de hole is, (b) de belemmering ontwijkt en dat (c) niet in een hindernis of op de green is.
Als de bal van de speler op de green ligt en een mollenklem binnen twee stoklengten van de green vormt een belemmering op de puttinglijn, dan mag de speler de belemmering als volgt ontwijken:
De bal moet worden opgenomen en geplaatst op een punt zo dicht mogelijk bij de plek waar de bal lag, dat (a) niet dichter bij de hole is, (b) de belemmering ontwijkt en dat (c) niet in een hindernis is.
De bal mag worden schoongemaakt, wanneer hij opgenomen is.
UITZONDERING: Een speler mag een belemmering niet volgens deze “local rule” ontwijken, indien het voor hem duidelijk geen zin heeft een slag te doen vanwege een andere belemmering dan een mollenklem zoals bedoeld in deze “local rule”.

Plaatselijke regel 01-01-2017:
“Per ongeluk bewogen bal (merker) op de green (regel 18-2, 18-3 en 20-1)”

Indien de bal van de speler op de green ligt, volgt geen straf als de bal of de balmerker per ongeluk door de speler, zijn partner, zijn tegenstander, of een van beider caddies of uitrusting wordt bewogen.
De bewogen bal of balmerker moet worden teruggeplaatst zoals voorzien in de Regels 18-2, 18-3 en 20-1.
Deze plaatselijke regel is alleen van toepassing als de bal van de speler of zijn balmerker op de green ligt en de beweging per ongeluk wordt veroorzaakt.
Noot: Indien wordt vastgesteld dat de bal van de speler op de green is bewogen als gevolg van wind, water of een natuurlijke oorzaak zoals door de zwaartekracht, dan moet de bal gespeeld worden zoals hij ligt op de nieuwe ligplaats. Een bal merker die onder gelijke omstandigheden is bewogen, moet worden teruggeplaatst.

17 juni 2017
Local rule Schapen

Het met schrikdraad omheinde gebied waar de schapen grazen is een Abnormale terreinomstandigheid (GUR). Wanneer uw bal hierin terechtkomt mag u dit gebied niet betreden. Indien u uw bal wel kunt identificeren mag u een nieuwe bal zonder straf  droppen, op het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering       (R 25-1b(i)) zie boven. in relatie tot waar uw bal ligt.
Kunt u uw bal niet identificeren dan wel niet vinden, dan dient u een nieuwe bal zonder straf  te droppen, op het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering (R25-1c(i)) zie boven, in relatie tot waar de bal het laatst de buitenste begrenzing van de abnormale terreinomstandigheid kruiste.

1 december 2017
Local Rule plaatsen.

Vanaf 1 december is het weer toegestaan de bal te plaatsen in het op fairway-hoogte gemaaide gedeelte van de baan. Voor het opnemen van de bal dient de ligplaats te worden gemarkeerd, na schoonmaken mag de bal worden geplaatst binnen 15cm  (de lengte van een opgevouwen scorekaart) van waar de bal oorspronkelijk lag, niet dichter bij de hole.

Straf bij overtreding local rule: Verlies van hole in Matchplay
Twee strafslagen in Strokeplay